Groente-, fruit- en tuinafval

Wat mag nu wel of niet in de GFT-container ?
Op het eerste gezicht een eenvoudige vraag, maar niet alle bepalingen zijn door iedereen gekend. Bovendien hebben de voedselcrisissen van de laatste jaren, soms veroorzaakt door externe contaminatie met giftige producten en ziektekiemen, de wetgeving inzake het voederen van dieren en de verkoop van dierlijke producten een stuk strenger gemaakt. Daardoor zijn er voortaan absoluut géén dierlijke producten meer toegelaten in de GFT-container of in de groenafvalcontainer op het containerpark. De meeste dierlijke producten doe je dus bij het restafval – dat ondergaat nadien een veilige industriële verbranding.

Sorteerboodschap GFT

WEL

  • aardappelschillen
  • schillen van citrus- en andere vruchten
  • bladeren en onkruid
  • etens- en groenteresten (géén vlees of visnotendoppen
  • theebladeren en –zakjes, koffiedik en -filters
  • grasmaaisel, stro
  • papier van keukenrol
  • mest van kleine huisdieren (geen vleeseters)**
  • verwelkte snijbloemen en kamerplanten
  • kleine hoeveelheden snoeihout
  • haagscheersel
  • zaagmeel en schaafkrullen

NIET

  • timmerhout
  • boomwortels
  • wegwerpluiers
  • aarde en zand
  • saus, vet, olie*
  • vleesresten, visresten, eierschalen*
  • stof uit stofzuigerzak
  • as van de open haard
  • houtskool
  • ijzer, metaal, blik, kunststof
  • kattenbakvulling, uitwerpselen honden**
  • schelpenzand uit de vogelkooi
  • (mossel)schelpen, beentjes

* omdat ‘kannibalisme’ ten allen tijde moet vermeden worden, mogen de dieren voortaan niet meer gevoederd worden met dierlijke producten. Omdat het niet ondenkbaar is dat kippen of varkens zich voeden met aarde (gemengd met compost), is het niet meer toegelaten dierlijke producten te verwerken bij het composteren. Dit om hogervermelde ‘kortsluiting’ in de voedselketen, met de eraan gelinkte besmettelijke dierziekten te vermijden.

** In de lijst wordt een onderscheid gemaakt tussen mest van planteneters en de mest van vleeseters. Alle contact met honden- en kattenuitwerpselen is af te raden: besmetting is immers zeer reëel, bij de hond omwille van de ‘ascaris’ eieren (kunnen zelfs jarenlang in de aarde overleven), bij de kat is toxoplasmose de grote potentiële boosdoener.


Hoe vermijd ik problemen bij het stockeren van GFT-afval ?
1. Zet de inzamelcontainer op een beschutte plaats (in de zomer niet in de volle zon, in de winter niet op een ijskoude plaats).
2. Laat het gft-afval uitlekken. Een krant op de bodem van de container absorbeert vocht en zorgt ervoor dat er minder resten na lediging achterblijven. Een laagje droog gras of ander droog materiaal (takjes of snijbloemen) op de bodem van de container helpt eveneens om vocht te absorberen.
3. Stamp het afval in de container niet aan.
4. Vlees- en visresten en dito sausen zijn niet toegelaten in de GFT-bak. Bovendien zijn zij de oorzaak van wansmakelijke maden in het afval.
5. Breng het afval in laagjes aan en dek de bovenzijde af met wat krantenpapier of een laagje gras of bladeren om fruitvliegjes en geurhinder te vermijden.
6. Zet de GFT-bak om de 14 dagen buiten voor de inzameling, ook al is hij nog niet helemaal vol.
7. Maak de container regelmatig schoon met groene zeep of soda. Vermijd in elk geval chloor, desinfecterende middelen of insecticiden. Deze producten belemmeren immers het composteringsproces. Laat bij afwezigheid (bijvoorbeeld vakantie) de GFT-container proper achter.